De kamerheer was een van de meest prestigieuze functies aan Europese koninklijke hoven, vooral in de 19e en 20e eeuw. Deze persoon was niet alleen verantwoordelijk voor het beheer van de koninklijke vertrekken, maar ook een vertrouweling van de monarch. Door hun toegang tot privévertrekken behoorden kamerheren tot de meest invloedrijke figuren aan het hof.

Hun taken omvatten het coördineren van andere hovelingen, het organiseren van ontvangsten en officiële bijeenkomsten, en het begeleiden van gasten. In Rusland gaf de titel kamerheer zelfs recht op directe audiëntie bij de tsaar. In Frankrijk stond deze functie bekend als 'camérier', in Duitsland als 'Kammerherr'.

Veel prominente staatslieden begonnen hun loopbaan als kamerheer, waar ze waardevolle ervaring opdeden in diplomatie en hofetiquette.