Jean-Philippe Rameau (25 september 1683, Dijon, Frankrijk – 12 september 1764, Parijs, Frankrijk) was een invloedrijke Franse componist en muziektheoreticus uit de Barokperiode. Hij begon zijn muzikale carrière als organist en klavecinist en publiceerde in 1706 zijn eerste boek met klavecimbelstukken.

Rameau werkte als organist in de Notre-Dame kathedraal in Dijon van 1708 tot 1714, waar hij zijn vader opvolgde. In 1722 verhuisde hij naar Parijs en publiceerde zijn vermaarde 'Traité de l'harmonie', wat zijn reputatie als theoreticus vestigde.

Ondanks zijn theoretische successen, duurde het tot 1733 voordat hij als componist doorbrak met zijn opera 'Hippolyte et Aricie'. Deze opera was vernieuwend door zijn harmonische complexiteit, wat zowel bewondering als controverse opriep, aangezien het publiek gewend was aan de stijl van J. B. Lully.

In 1745 werd Rameau benoemd tot hofcomponist, wat hem de kans gaf om zijn komedie-ballet 'La Princesse de Navarre' te presenteren tijdens het huwelijk van de zoon van Lodewijk XV. Gedurende zijn leven publiceerde hij meerdere werken voor klavecimbel en schreef hij veel toneelmuziek, waarin hij innovatieve orkestrale technieken toepaste.

Meer informatie: www.musicaantigua.com