Amon, in het oude Egypte bekend als de 'Verborgen', was een belangrijke godheid in de Egyptische mythologie. Zijn verering begon tijdens het Oude Rijk, waar hij werd geassocieerd met de godin Amunet. Tegen de 11e Dynastie (ongeveer de 21e eeuw v.Chr.) werd Amon de beschermgod van Thebe, ter vervanging van de god Montu.

Na de verdrijving van de Hyksos onder farao Ahmose I (ongeveer de 16e eeuw v.Chr.) kreeg Amon nationale bekendheid door samen te smelten met de zonnegod Ra, wat leidde tot Amon-Ra. Tijdens het Nieuwe Rijk bleef Amon-Ra de belangrijkste god van het Egyptische pantheon, behalve tijdens de regering van Achnaton. In deze periode werd hij beschouwd als een transcendente, zelfgeschapen god en werd hij vereerd als de god van de armen en persoonlijke vroomheid. Hij werd vaak afgebeeld als een man met blauwe huid.

Amon-Ra werd zo centraal dat andere goden als manifestaties van hem werden gezien, wat leidde tot een vorm van monotheïsme. Hij werd ook buiten Egypte wijdverbreid aanbeden, waar hij gelijkgesteld werd met Zeus in Griekenland en Jupiter in Rome. Samen met Osiris is Amon-Ra een van de meest bekende Egyptische goden.

Meer informatie: es.wikipedia.org