In de Griekse mythologie verwijst Hades zowel naar de onderwereld als naar de god die daar heerst. In het oude Griekenland werd de naam Hades gebruikt om de god aan te duiden, terwijl de term ook de locatie van de onderwereld kon betekenen. Deze plaats werd gezien als het domein van de doden. Hades was de oudste zoon van Cronus en Rhea en de broer van Zeus en Poseidon. Samen versloegen zij de Titanen en verdeelden het universum onder elkaar. Hades kreeg de heerschappij over de onderwereld, Zeus over de hemel en Poseidon over de zee. De aarde zelf bleef toegankelijk voor alle drie.

Hades stond ook bekend als Pluto, wat 'rijkdom' betekent, omdat de onderwereld werd geassocieerd met de rijkdommen die uit de aarde komen. De Romeinen namen deze naam over en identificeerden Hades/Pluto met hun eigen goden van de onderwereld, zoals Dis Pater en Orcus. Bij de Etrusken stond hij bekend als Aita.

In de christelijke theologie wordt de term 'Hades' vaak vergeleken met het Hebreeuwse Sheol, wat 'graf' of 'put' betekent. Dit verwijst naar de verblijfplaats van de doden. Het christelijke concept van de hel lijkt meer op het Griekse Tartarus, een somber deel van Hades dat wordt gebruikt als kerker voor straf en lijden.

Meer informatie: es.wikipedia.org