Een babypanda wordt een welp genoemd. Reuzenpanda's krijgen vaak tweelingen, maar meestal overleeft er maar één jong in het wild. De moeder kiest het sterkste jong om te verzorgen, omdat ze niet genoeg melk kan produceren voor twee welpen. De vader speelt geen rol bij de opvoeding van het jong.

Na de geboorte verandert de huid van de welp op sommige plekken van kleur, waar later de zwarte vacht zal groeien. Soms krijgt de vacht een roze tint door een reactie met het speeksel van de moeder. Na ongeveer een maand is het kleurpatroon van de vacht volledig zichtbaar. Welpen beginnen na zo'n 75 tot 80 dagen te kruipen en spelen met hun moeder door te rollen en te stoeien. Na zes maanden eten ze kleine hoeveelheden bamboe, maar moedermelk blijft het belangrijkste voedsel in het eerste jaar. Panda-welpen blijven tot ongeveer twee jaar bij hun moeder voordat ze zelfstandig worden.

Meer informatie: en.wikipedia.org