Kurk wordt gewonnen uit de schors van de kurkeik, een boom die niet alleen 100% natuurlijk is, maar ook biologisch afbreekbaar, hernieuwbaar en recyclebaar. De geschiedenis van kurkgebruik gaat ver terug, met sporen in heel Europa. Van de Romeinen en Egyptenaren, die kurk gebruikten in visserij, schoeisel en amforen voor het transport van vloeistoffen, tot de middeleeuwen, waar monniken het gebruikten om de muren van hun cellen te bekleden ter bescherming tegen kou en hitte.

Kurk speelde ook een cruciale rol in de scheepvaart en wijnindustrie, waar het geheim van het bewaren van de beste wijnen lag in een eenvoudige kurken stop. Naast zijn vele toepassingen is kurk van groot belang voor de Portugese economie en draagt het bij aan de biodiversiteit door als leefgebied te dienen voor soorten zoals de Iberische lynx en de steenarend. Het helpt ook in de strijd tegen klimaatverandering.

De kurkeik is de enige boom waarvan de schors zichzelf regenereert. Het verwijderen van kurk gebeurt tussen mei en augustus, wanneer de boom nog groeit, waardoor het gemakkelijker is om de schors te verwijderen zonder de stam te beschadigen. Een kurkeik heeft 25 jaar nodig om voor de eerste keer gekurkt te worden, waarna het proces ongeveer 17 keer herhaald kan worden, wat neerkomt op een gemiddelde levensduur van 200 jaar. Pas na de derde kurkverwijdering, op 43-jarige leeftijd, krijgt de kurk een gladde textuur die geschikt is voor de productie van kurken.

Meer informatie: es.wikipedia.org