In de kosmologie verwijst de oerknal naar het begin van het universum, het startpunt van de creatie van materie, ruimte en tijd. Volgens het standaard kosmologische model vond de oerknal ongeveer 13,8 miljard jaar geleden plaats.

De term 'oerknal' beschrijft geen explosie in een bestaande ruimte, maar de gelijktijdige opkomst van materie, ruimte en tijd vanuit een initiële singulariteit. Deze singulariteit wordt formeel afgeleid door de evolutie van het uitdijende universum terug in de tijd te extrapoleren tot het punt waar de dichtheid van materie en energie oneindig wordt. Kort na de oerknal zou de dichtheid van het universum de Planck-dichtheid hebben overschreden.

De algemene relativiteitstheorie is ontoereikend om deze toestand te beschrijven; er wordt echter verwacht dat een nog te ontwikkelen theorie van kwantumzwaartekracht dit wel zal kunnen. In de moderne natuurkunde is er daarom geen algemeen geaccepteerde beschrijving van het zeer vroege universum, de oerknal zelf, of de tijd ervoor.

Oerknaltheorieën beschrijven niet de oerknal zelf, maar de vroege evolutie van het universum na de oerknal: vanaf een punt meer dan één Planck-tijd (ongeveer 10⁻⁴³ seconden) na de oerknal tot ongeveer 300.000 tot 400.000 jaar later.

Meer informatie: de.m.wikipedia.org