De kern van een potlood bestaat uit een mengsel van grafiet en klei, niet uit lood zoals vaak wordt gedacht. In de 16e eeuw werd grafiet in Europa voor het eerst gebruikt en aangezien men het voor een soort lood aanzag, ontstond de term 'loodpotlood'. Grafiet zorgt voor de donkere lijn, terwijl klei de hardheid bepaalt: meer klei betekent een harder potlood. Het grafiet dat hiervoor wordt gebruikt, moet zeer zuiver zijn en werd oorspronkelijk gevonden in Cumbria, Engeland. Tot halverwege de 19e eeuw werden potloden met de hand gemaakt en werd de kern in een houten omhulsel van cederhout geplaatst. Tegenwoordig zijn er meer dan twintig hardheidsgraden van potloodkernen. Wist je dat het langste potlood ter wereld bijna 460 meter was? Dit record werd in 2017 in India gevestigd!