Wanneer een vloeistof het kookpunt bereikt, ontstaan er dampbellen in de vloeistof zelf. Dit betekent dat de moleculen genoeg energie hebben om van vloeibaar naar gasvormig over te gaan, niet alleen aan het oppervlak zoals bij verdamping, maar overal in de vloeistof.

Leuk weetje: het kookpunt hangt niet alleen af van de soort vloeistof, maar ook van de luchtdruk. Op grote hoogte, zoals op de top van de Mount Everest, kookt water al bij ongeveer 70°C in plaats van 100°C. Daarom duurt koken in de bergen vaak langer!