De kameel, een groot herbivoor zoogdier, is uitstekend aangepast aan de barre woestijnomstandigheden van Noord-Afrika en Azië. Dankzij hun unieke fysiologie kunnen kamelen overleven waar weinig andere dieren dat kunnen. Er zijn twee hoofdsoorten: de dromedaris, met één bult, en de Bactrische kameel, met twee bulten. Dromedarissen komen veel voor in Arabische landen en Noord-Afrika, terwijl Bactrische kamelen in Centraal-Azië te vinden zijn.

Kamelen zijn van groot belang voor de mensen die in woestijngebieden leven. Ze worden gebruikt voor het vervoer van goederen en mensen en leveren melk, vlees en wol. Hun vermogen om extreme omstandigheden te doorstaan, maakt hen onmisbare metgezellen in de woestijn. Kamelen kunnen lange tijd zonder water overleven, waardoor ze grote afstanden kunnen afleggen op zoek naar voedsel en water.

Interessant genoeg worden kamelen vaak "schepen van de woestijn" genoemd vanwege hun soepele, schommelende gang, die doet denken aan de beweging van een schip op golven. Deze vergelijking komt ook voort uit het feit dat zandduinen op oceaangolven lijken. Kamelen behoren tot de kameelfamilie, waartoe ook lama's en alpaca's behoren die in Amerika voorkomen.

Meer informatie: ro.m.wikipedia.org