Stanley Smith Stevens, geboren op 4 januari 1906 in Ogden en overleden op 18 januari 1973 in Vail, was een invloedrijke Amerikaanse psycholoog en universiteitsprofessor. Hij is vooral bekend vanwege de oprichting van het Psychoacoustic Laboratory aan de Harvard University en zijn werk aan isofonische curves, die essentieel zijn voor het begrijpen van hoe mensen de intensiteit van geluid waarnemen.

In 1936 introduceerde Stevens de 'sone', een eenheid om de subjectieve luidheid van geluiden te meten. Samen met John Volkmann en Edwin Newman ontwikkelde hij de 'mel-schaal', een schaal voor auditieve perceptie. Hoewel er uitdagingen waren in de consistentie van metingen, wat leidde tot de creatie van verschillende concurrerende schalen, blijft Stevens' fundamentele observatie van 'octaafstrekking' in hogere registers van belang. Dit fenomeen wordt ook waargenomen in muzikale praktijken, zoals de volgorde die wordt gebruikt bij het stemmen van piano's.

Zijn postume werk, 'Psychophysics', verzamelt zijn onderzoeksbevindingen. Stevens leverde aanzienlijke bijdragen aan de psychofysica, met name door het voorstellen van Stevens' Power Law in 1957, dat de relatie beschrijft tussen de fysieke grootte van een stimulus en de waargenomen intensiteit. Zijn publicaties, waaronder 'Hearing, its Psychology and Physiology' (1938) en het 'Handbook of Experimental Psychology' (1951), blijven invloedrijk in de experimentele psychologie.

Meer informatie: fr.wikipedia.org